Volwassenen

Volwassenen vertellen in eigen woorden over hun vrijwilligersdienst via EIRENE.

Elke Grothstuck

Elkle Grothstuck

Elkle Grothstuck

Elke Grothstück heeft in een AIDS-hospice in Texas gewerkt. Het werk gaf haar een overvloed aan indrukken en ervaringen:

“Het begon met de vertrekcursus. Ik heb de eerste keer heel openhartig over mijn leven gesproken. Nu weet ik, dat dit heel belangrijk is en ik ben blij dat jonge mensen tegenwoordig de mogelijkheid hebben hun problemen vroeg te herkennen en daar aan te werken. Met of zonder hulp. Ik heb voor mezelf hulp gezocht.

Het verblijf in de VS was voor mij een belangrijk deel van mijn leven. Ik heb mezelf vaak afgevraagd: waarom doe je dit? Op deze vraag kan ik nu nog steeds geen antwoord geven. Trenton, een jonge zeer gelovige Amerikaan, zei me eens: ”Je zult je innerlijke vrede vinden.” Ik heb daar veel over nagedacht, maar ik denk dat dit gewoon mijn lot is.

Ik heb fantastische mensen ontmoet, zelfs vrienden gemaakt, heb vele mooie en ook minder mooie dingen meegemaakt; ik heb mezelf een beetje beter leren kennen en mezelf leren accepteren. Voordat ik met EIRENE in contact kwam, werd ik vaak geleefd; in Houston heb ik vooral mijn eigen leven geleefd. Ik ben nederiger geworden en heb ondertussen geleerd mijn grenzen te erkennen. Ik voel me beter.

Ik heb mijn eigen mening over de Amerikanen kunnen vormen. Ik heb zo veel vanzelfsprekende vriendelijkheid en behulpzaamheid ervaren, wat ik maar al te graag mee naar huis teruggenomen heb. Zo werd ik bijvoorbeeld door Steve, een jongeman die ik niet kende, voor moederdag te eten uitgenodigd met de woorden: “Jij bent toch ook moeder!” Een ander voorbeeld: omdat ik vroeger ziek ben geweest, moest ik de ziektekosten zelf betalen. Een arts die mij daar behandelde heeft echter afgezien van zijn honorarium en heeft mij gratis geholpen. Een klant heeft een schilderij voor me gemaakt. Zomaar voorbeelden van een “bij-de-hand-nemen”, uitnodigingen van vreemden voor bijeenkomsten, etentjes, uitstapjes. Als ik er zo over nadenk, schieten mij heel veel situaties te binnen, die  mijn leven beïnvloed hebben.”

 

Hansjürgen Engel

HansJurgen Engel

HansJurgen Engel

Hansjürgen Engel deed een vrijwilligersdienst met daklozen in het Gutes Haus (Goede Huis), een instelling voor daklozen mannen in Sibiu, Roemenië. De afgestudeerde journalist is een meester in het observeren. Door de mannen, die  zich aan de rand van de samenleving bevinden, krijgt hij zicht op wat werk in een Oost-Europees lage lonenland voor de betrokkene betekent.

“Als ik in het “Goede huis” kom zit Iztvan met een bedrukt gezicht in de keuken. Ik zet koffie voor ons. De 42-jarige is in het begin van de week bij een kleine onderneming in dienst gekomen. Het is hard werk in een bouwput. Aan het einde van de werkdag wordt hij met 100.000 Lei afgescheept. Omgerekend drie euro voor acht uur werken in de bouw. De dag ervoor had hij nog 120.000 Lei ontvangen. Waarom vandaag  minder dan gisteren? Een verklaring heeft Itzvan niet gekregen. Toch probeert hij de teleurstelling te trotseren:  “Aan het eind van de week kan ik tenminste nieuwe schoenen kopen.”

Zoals Itsvan vergaat het vele mannen die tot de sociaal zwakgemaakten behoren.  Sommige gaat het nog slechter. Zij werken een hele week en krijgen niets – geen vast werk en geen geld. Op deze schandelijke wijze leven veel kleine ondernemingen van de ene opdracht naar de andere:  over de rug van vertwijfelde mensen, die in hun nood alles accepteren waar geld voor beloofd wordt en er dan als gefrustreerde stomkoppen bijstaan.

 

Hans Jurgen Engel 2

Hans Jurgen Engel 2

Onverwachte dromen

Ik vraag Istvan of hij nog dromen heeft. Hij zegt zonder aarzeling iets heel anders als ik had verwacht: ”Ik zou me weer met God willen verzoenen.” Vroeger toen hij nog jong was heeft hij in het kerkkoor van Sibiu gezongen, bad veel en sprak met God en beleefde een innerlijke vreugde, waardoor hij met zichzelf en de wereld tevreden was. Toen is echter de verzoeking gekomen, alcohol en andere zaken, vaak oppervlakkig plezier en hij heeft God verloren. Nu vraagt hij aan mij of God hem nog wel aannemen wil en zijn ogen drukken twijfel uit. Ik weet het antwoord niet maar probeer hem moed in te praten zo goed als ik kan. Overigens: het is op initiatief van Istvan dat nu om 7 uur ’s morgens in het “Goede Huis” een korte dagopening wordt gehouden. Meer mannen dan wij gedacht nemen hier aan deel.

Een dag in de schoenenfabriek

Wanneer Hubert ’s avonds vanuit zijn werk weer in het “Goede Huis” komt, kun je de frustratie van zijn gezicht aflezen. Hij heeft werk gevonden in een Italiaanse schoenenfabriek. De eerste werkdag zit erop. Ik zet koffie voor ons en vraag hem te gaan zitten en over zijn ervaringen iets te vertellen. Acht uur heeft hij aan de lopende band gestaan en de gemaakte schoenen moeten strijken, zo vertelt hij.

Plotseling begon een sirene luid te loeien en alle arbeiders, waarvan de meeste vrouw zijn, zijn naar hun kluisje gerend en hebben hun boterhammen gepakt om meteen weer terug te keren naar hun werkplek en daar te eten. Weer klonk de sirene en de lopende band ging weer draaien. Op deze manier moeten per dag 700 paar schoenen gemaakt worden. Als het niet lukt, dan moet men verder werken tot het aantal klaar is. Omdat men bang is het proces op te houden, durven de meeste mensen  niet eens naar het toilet te gaan. “Ze knijpen liever hun billen tegen elkaar”, zegt Hubert met gepikeerde stem.

Voor dit strijkwerk aan de lopende band moet hij een nettoloon van 2,7 miljoen lei ontvangen, ongeveer 80 euro plus een paar inkoopbonnen. Pikant detail bij dit aanbod: Hubert moest een contract tekenen dat hij minstens een jaar in de schoenenfabriek zou blijven werken, anders dreigt een geldboete van twee maandsalarissen.

Hubert is er de volgende dag niet meer naar toe gegaan.. Sinds twee maanden werkt hij nu bij een bouwbedrijf – voor twee en een half miljoen lei, dus het minimumloon van 70 Euro. Daarbij verdient hij geld met overuren en werken op zaterdag, dat wordt beter betaald, maar wel zwart. Een van de twee misstanden in de Roemeense economie: corruptie en zwart geld. Maar Hubert voelt zich goed.”

Ine Zuurmond

Ine Zuurmond met baby Alex in de daycare.

Ine Zuurmond met baby Alex in de daycare.

Ine Zuurmond werkte als vrijwilligster in Bridgeway in Denver, VS, een opvanghuis voor jonge zwangere vrouwen tussen 16 en 22 jaar.

“De reis erheen ging per trein van Washington naar  Denver, een geweldige reis van 2 ½ dag. In Denver  werd ik van de trein gehaald door Carolyn, een staflid  van Bridgeway. Zij bracht me naar Golden, naar het huis  waar ik nu verblijf samen met nog twee vrijwilligsters:  Rita, een vrouw van mijn leeftijd uit Duitsland en Julia  uit Californië, nu 21 jaar. Ik bewoon een leuke kleine  eigen kamer en we delen met elkaar zitkamer, keuken  en badkamers. Het huis ligt op 7,4 miles van Bridgeway. We hebben  de beschikking over 2 auto’s waarmee we van en naar  Bridgeway rijden.

Ik werk in wisseldiensten en moet  regelmatig ook ’s nachts aanwezig zijn (slaapdienst). Het  werk is erg afwisselend: van oppassen op de baby’s in  de daycare, meegaan met de jonge vrouwen voor een  zwangerschapscontrole tot het schilderen van muren in  de kamers voor nieuwe bewoonsters enzovoort.  Het is in elk geval niet saai. Inmiddels heb ik met  verschillende residents (bewoonsters) een leuk contact  opgebouwd. Bridgeway hanteert stevige regels voor de  residents die strikt nageleefd moeten worden en die  gecheckt worden door de housemoms, waar ik er één  van ben.

Dat is ook zeker nodig. De jonge vrouwen  -meisjes vaak nog- moeten na hun zwangerschap leren  hoe ze hun kind kunnen opvoeden en hoe ze een  huishouding moeten runnen. Het valt ze soms echt niet  mee. Uiteindelijk is het de bedoeling dat ze na uiterlijk  1 ½ jaar zelfstandig gaan wonen. Ik heb hier nu ruim vier maanden rondgelopen en  zelf ook een beetje ervaren hoe het is om aan de  onderkant van deze samenleving te leven, zoals deze  jonge vrouwen doen. Bridgeway krijgt veel donaties  op het gebied van babyspullen, zoals blikken voeding,  luiers, flessen en babykleren. Maar ook blikken voedsel  (groenten en fruit) voor de residents. Nog steeds heb ik er geen spijt van  dat ik deze keuze heb gemaakt, ook  al valt het soms echt niet mee om zo  ver weg te zijn van alle mensen die  me dierbaar zijn. Dit was een eerste  indruk van wat ik hier zoal doe.  Volgende keer meer. Een hartelijke groet.”

 

Naar verhalen van jongeren

 


Naar boven